Interview Kristian Esser: Mr. Harder verafschuwt hiërarchie

Op een druiligere vrijdag ontmoette ik Kristian Esser in Amsterdam. Kristian is de man achter de bedrijven Mr. Harder en Storyporter en is lid van T-Mobile’s Board Of Inspiration. We hebben afgesproken in Spaces, een bedrijf dat werkplekken verhuurt, en dat blijkt niet toevallig. Al snel begint Kristian mij rond te leiden in Spaces en vertelt hij mij enthousiast waarom hij al jaren daar zijn werkplek van heeft gemaakt. Vooral de ruimte, de rust, het interieur en de kunst die er hangt kunnen Kristian bekoren. Nadat we een  heerlijke cappuccino hebben besteld aan de koffiebar gaan we zitten aan de tafel waar Kristian zat te werken. We beginnen te praten over wie Kristian Esser nou eigenlijk is, waar hij vandaan komt, wat hem drijft, waar hij mee bezig is, wat de toekomst hem misschien wel gaat brengen én de toekomst van T-Mobile.

In mijn vorige blog heb ik een karakterschets gemaakt van Kristian op basis van zoekopdrachten in Google en zijn sociale profielen. Vooral op social media was een schat aan informatie over hem te vinden. Al snel kwam ik erachter dat het geen toeval is dat Kristian zeer actief op social media is, het is namelijk zijn grote passie.

Expat

Maar we beginnen bij het begin. ‘Ik kom uit een expatfamilie’, begint Kristian. ‘Ik ben geboren in Congo en opgegroeid in Italië. Ik was alleen geen goede leerling hoor. Sommige mensen verlenen hun bestaansrecht uit een academische titel, maar dat heb ik absoluut niet. Ik heb een bouwkundige achtergrond, maar nooit iets mee gedaan. Daarnaast heb ik communicatie gestudeerd aan de European Institute Of Design in Milaan en ik ben na deze opleiding heb afgerond begonnen in de reclamewereld. Toen ik begon, dat was in de jaren ’80, was reclame nog sexy en spannend. Maar dat wereldje pastte niet bij mij. Het verkopen van leugens vind ik niet interessant. Er zit in dat wereldje geen diepgang, iets waar ik wel altijd naar op zoek was. Ik voelde me daar altijd als een vreemde eend in de bijt’.

Zijn ouders zijn heel bepalend geweest voor hoe hij nu in het leven staat. Omdat hij het ondernemerschap al met de paplepel ingegoten heeft gekregen wist hij al dat hij uiteindelijk zelf ook op zijn eigen benen zou gaan staan. ‘Ik heb ook als freelance illustrator gewerkt voor bladen zoals de Elle en de Allerhande. Illustrator zijn is per definitie een solistisch beroep, net als fotograaf bijvoorbeeld.  Je krijgt een opdracht, je voert het uit en krijgt -hopelijk- je geld. Dat trok ik op een gegeven moment niet meer, ik wilde weer meer onder de mensen zijn, samenwerken. Mijn ouders hebben mij altijd geleerd om als ondernemer te denken. Kansen te zien, er voor te gaan. Dat is ook de reden dat ik met mijn ex-vrouw een kledinglijn ben gestart. In die vijf jaar dat we dat bedrijf hadden, heb ik het meeste geleerd. We begonnen echt from scratch, we deden alles zelf en hebben alle facetten van het ondernemerschap geleerd. De belangrijkste take out die ik uit dat avontuur heb ik meegenomen dat een eigen bedrijf hebben heel druk is, maar met de juiste mindset je je niet druk hoeft te maken.’

Social media

Met de komst van internet en social media ging er voor Kristian een wereld open. Eindelijk vond hij de diepgang waar hij die jaren ervoor zo op zoek naar was geweest. Het feit dat je connectie kon maken met een ander persoon in plaats van tegen een computer te praten fascineerde hem enorm. Rond 2000 zetten hij de eerste stappen op het gebied van social, toen hij het platform Erosearch oprichtte. De naam van het platform laat weinig aan de verbeelding over. Erosearch bracht vraag en aanbod bij elkaar in de erotische industrie. ‘In die periode was ik net gescheiden, ik was een beetje aan lager wal geraakt’, vertelt Kristian openhartig. ‘Ik zocht naar iets waar ik goed geld mee kon verdienen. De gedachte achter het platform leek heel erg op hoe Facebook tegenwoordig zijn ecosysteem heeft ingericht. Het was redelijk succesvol, maar ik kreeg een aanbod om voor een reclamebureau te werken. Dat was achteraf mijn eerste en laatste baan. Ik ging daar weg omdat ik vakantie wilde en dat mocht niet. Dat vond ik zo raar, dat ik maar besloten besloten om gelijk maar ontslag te nemen om mijn vrijheid weer terug te krijgen. Kijk, social was het begin van de democratisering van het proces. Ik verafschuw daarom ook hierachie en macht tussen werkgever en werknemer’

Rond 2003 besloot Kristian om zich volledig te richten op social. ‘Ik merkte dat er veel aan het gebeuren was. Veel mensen begrijpen het niet of hebben geen tijd om zich er in verdiepen, dus mijn modus operandi is veel kennis opdoen en die kennis vervolgens weer verkopen. Zo ben ik begonnen met lezingen en workshops te geven, daarvan heb ik er nu rond de 100 gedaan.’ Kristian bouwde, zonder enige technische achtergrond, een database waarin hij kennis, artikelen, data, projecten en klantgegevens verzamelt. Tot op de dag van vandaag gebruikt hij al die gegevens om zijn klanten mee te bedienen. Heeft hij een zorginstelling als klant? Dan deelt hij al de relevante informatie uit zijn database met die klant, wat hij met een simpele zoekopdracht heel snel heeft gevonden. Zo heeft hij de afgelopen jaren een immens CRM-systeem gebouwd dat heel waardevol blijkt te zijn: ‘Het mooie van dit monster dat ik gecreëerd heb is dat ik mijzelf gedwongen heb om alles van mijn bedrijven te begrijpen, ook bijvoorbeeld de financiën. Ook snap ik de relaties en verbindingen nu veel beter die social media zo mooi maken. Ik ben dan ook wel een beetje een nerd’, bekende Kristian. De jaren die volgde heeft Kristian met zijn bedrijf, Mister Harder, gespendeerd met het verzamelen van kennis, duiding geven aan de materie en van daaruit lezingen en trainingen geven.

Denken

Een van activiteiten die ontstond uit het sociale gedachtegoed van Mister Harder was Storyporter, het bedrijf achter Magenta Talks. Samen met Simon Oldenbeek introduceert hij de virtuele medewerker bij verschillende bedrijven. Zo helpt hij bedrijven en medewerkers om hun sociale vaardigheden te verbeteren. ‘Ik ben eigenlijk verschoven van het bedenken van concepten naar het bedenken van methodieken.’, legt Kristian uit, ‘Ik denk veel na wat de slimste manieren zijn om de kansen die de nieuwe wereld bieden te laten landen bij bedrijven. Eigenlijk ben ik alleen maar bezig met denken, ik produceer dan ook bijna niks meer.’

Als zijtak bedacht Kristian Technolympics, een platform waar nagedacht wordt over de technologische impact op de sportwereld. ‘Technolympics richt zich op de voornamelijk ethnische vraag hoe we omgaan met bijvoorbeeld implantaten en sensoren die onder de huid worden aangebracht. Eigenlijk is het een heel logische vraag en ik probeer die discussie gewoon voor te zijn zodat men straks bij mij komt als expert op dit gebied. Zo probeer aan mijn kennis en netwerk geld te verdienen.’

Board Of Inspiration

Vanwege zijn kennis is Kristian ook onderdeel van de T-Mobile Board Of Inspiration (BoI), waar naast Kristian ook vrije denkers als Yuri van Geest, Menno Lanting, Martijn Aslander en Marco Derksen plaats in nemen. Kristiaan vindt de BoI één van de leukste dingen om te doen: ‘Wij bespreken daar zaken die er toe doen, niet gehinderd door enige vooroordelen of voorkennis. We roepen maar wat, maar zoeken ook naar duiding. We proberen zaken net even op een andere manier te benaderen. Ik denk dat veel bedrijven daar echt behoefte aan hebben. Op de BoI avonden is er dan ook geen agenda, we behandelen geen case, we hebben het over zaken die op dat moment belangrijk en relevant zijn.’

Natuurlijk komt ons gesprek ook op de geruchten over een mogelijke overname van T-Mobile Nederland door een investeringsmaatschappij, dat ten tijde van dit interview het nieuws domineerde. ‘Iedereen binnen een bedrijf als T-Mobile moet zich klaar maken voor de de digitale transformatie.. Dat is moeilijk omdat het voor een bedrijf als T-Mobile lastig is om door te ontwikkelen als je ook bemoeienis vanuit het Duitse moederbedrijf hebt. Als je kijkt naar wat er nu in de pers gezegd wordt, lijkt het wel alsof men gaat voor de quick wins. Maar je moet kiezen voor de longshots, duidelijk een keuze maken voor de toekomst. Je moet dus mensen hebben die die longshots durven te dragen. Wat ik wel opvallend vind is dat de Amerikaanse tak van Deutsche Telekom het wel lukt om die verandering in te zetten en dat ook met succes doet.’

Grondstof

En wat zou de telecomindustrie en T-Mobile in het bijzonder  volgens Kristian moeten doen om relevant te blijven? ‘Goeie vraag. Ik moet dit even uittekenen hoor!’, vertelt Kristian enthousiast. Hij pakt mijn notitieboekje en begint met tekenen. ‘T-Mobile is een bitpipe en levert connectivity. Dit moet T-Mobile heel groot gaan doen. Het middensegment van de markt valt om, denk aan V&D en recentelijk Perry Sport. Dan blijven er twee type bedrijven over, één die grondstoffen levert (connectivity is een grondstof) en bedrijven die die grondstoffen verrijken op lokaal niveau. Vroeger bedacht de tussenlaag nog wat klant wilde, maar dat bedenk je niet, dat moet je de klanten vragen. Het bedrijf dat de grondstof levert heeft nu alleen de lokale bedrijven als klant, dus geen consumenten meer. Dus ze kennen de klanten goed, ze hebben een persoonlijke relatie. De verrijking kan overigens van alles zijn. Een interventie van het product, de relatie met de markt of met klanten. T-Mobile moet dus stoppen met bedenken van wat de klant wilt, T-Mobile moet overgaan op het leveren van de grondstof aan partijen die waarde toevoegen. Conclusie: T-Mobile zal om de samenwerking met haar klanten te bevorderen haar digitale lenigheid moeten optimaliseren. Grondstof moet heel makkelijk verkrijgbaar zijn voor welke vraag dan ook en alle processen die daarbij horen, inclusief mogelijk shared revenue modellen, moeten direct leverbaar zijn. T-Mobile moet de lokale partijen sublieme technologische ondersteuning bieden. Dat is de rol van T-Mobile in de toekomst.’

IMG_20160314_211218

Mr. Harder?

De laatste vraag die ik had, en ik ben waarschijnlijk niet de enige, is hoe hij aan de naam Mr. Harder is gekomen. Kristian schiet in de lach: ‘Ja, haha, veel mensen denken dat het een pornobedrijf is. En daar is niks mis mee, want zo wordt je niet gauw vergeten! Maar nee, het heeft daar niks mee te maken. Het is een eerbetoon aan een toevallige voorbijganger die de naam Harder droeg. Hij heeft mij heel erg geholpen. Hij was er voor mij op het juiste plek, het juiste moment. Ik  heb veel te danken aan Mr. Harder, vandaar de naam.’